Onze Projecten

De Pakistaanse blasfemiewet is wereldwijd berucht omdat het vaak misbruikt wordt tegen christenen. In de afgelopen jaren zijn veel arme en onschuldige christenen vals beschuldigd, gemarteld en zelfs gedood als gevolg van deze wet. Het is zo’n gemakkelijk instrument geworden om de christelijke minderheid te vervolgen, dat het vaak ten onrechte wordt gebruikt om onbeduidende ruzies, persoonlijke wrok  of eigendomskwesties  op te lossen.

Elk jaar worden ongeveer 1.000 christelijke meisjes en vrouwen in de Islamitische Republiek Pakistan ontvoerd, waarna ze worden gedwongen om zich tot de Islam te bekeren en onder bedreiging van een vuurwapen met hun ontvoerders te trouwen. De slachtoffers zijn meestal tussen de 12 en 25 jaar oud. Er worden maar heel weinig van dergelijke daden in de media of bij de politie gemeld. Het werkelijke aantal slachtoffers kan dus nog hoger liggen omdat veel van dergelijke daden niet worden geregistreerd omdat de gezinnen van de meisjes vaak weinig financiële middelen hebben of uit angst voor de invloedrijke moslimontvoerders.

Slavernij is een woord dat tegenwoordig weinig in de westerse wereld wordt gebruikt en dat we vaak met vroeger associëren. Slavernij is echter een realiteit die nog steeds bestaat in landen als Pakistan, waar meer dan 2 miljoen mensen tot slaaf zijn gemaakt en lijden onder onmenselijke arbeidsomstandigheden, de meesten van hen zijn christenen.

In de Islamitische Republiek Pakistan zal het voor een moslim nooit gemakkelijk zijn om de islam op te geven en het christendom te omarmen vanwege angst en de sociale en wettelijke verplichtingen. De wet, de autoriteiten, het gezin en de samenleving verstoten, vervolgen en doden zelfs moslims, die Christus als hun Verlosser aanvaarden.

Onderwijs is een middel dat een positief verschil kan maken in het leven van mensen, die niet zo fortuinlijk zijn als wij omdat wij dingen hebben die voor velen van ons vanzelfsprekend zijn, zoals een dak boven ons hoofd, gelijke rechten en een tolerante samenleving. Schokkende feiten onthullen dat 2 op de 3 christelijke kinderen in Pakistan geen onderwijs krijgen en dat 75% van de ongeveer 3 miljoen christenen in Pakistan onder de armoedegrens leeft. Als ze niet eens in staat zijn om hun gezinnen goed te voeden, hoe kunnen ze dan hun kinderen goed onderwijs geven?

Het lot van duizenden Pakistaanse christenen hangt eindeloos in het luchtledige in landen als Thailand, Maleisië, Sri Lanka en Nepal. Ze ontvluchtten hun thuisland vanwege vervolging en vonden een manier om het makkelijkst en goedkoopst deze landen binnen te komen. Géén van deze landen heeft de Vluchtelingenconventie van Genève uit 1951 ondertekend. Daarom beschouwen de regeringen van Thailand, Maleisië, Sri Lanka en Nepal hen niet als vluchtelingen, maar behandelen ze hen als illegale immigranten.

Laten we het Woord van God volgen en iets doen voor onze christelijke broeders en zusters in nood, want zij maken deel uit van het lichaam van Christus. Om verandering te brengen in de levens van deze volgelingen van Jezus hebben we jouw vriendelijke en gulle steun nodig, zoveel als je kunt.